Lunchlezing Heineken in Afrika: het glas halfvol of halfleeg?

Nieuwsbericht | 22 juni 2016 (Intern verslag van ministerie Buitenlandse Zaken)

Geen dorpje zo afgelegen, of je kunt er Heineken drinken. Tijdens zijn onderzoek naar de activiteiten van de bierbrouwer in Afrikaanse landen sprak journalist Olivier van Beemen twee Britse artsen. Die verzuchtten jaloers dat ze zouden willen dat zij zo’n geoliede distributiemachine voor hun medicijnen hadden. Maar tijdens de lunchlezing over zijn boek ‘Heineken in Afrika’ belicht Van Beemen ook de andere kant van de medaille.

Partnerschap of rolvervaging

‘Fijn dat u in zulke grote getalen op het bier bent afgekomen’ heette Roel van der Veen (ESA) de aanwezigen welkom bij de lunchlezing op woensdag 22 juni. De Max van der Stoel zaal zat dan ook flink vol. Ook na afloop van de lezing kwam een vergelijking met het drankje om de hoek kijken. Want als het gaat om maatschappelijk verantwoord ondernemen en publiek private samenwerkingsverbanden, is het glas dan half vol of half leeg?

Olivier van Beemen pleit voor minder rolvervaging tussen multinationals, ontwikkelingsorganisaties en overheden. Wendela Huisman, beleidsmedewerker bij DDE, houdt zich bezig met de publiek private partnerschappen met Heineken. Zij ziet juist de voordelen van die samenwerking. ‘Publiek private partnerschappen zijn een goede manier om met relatief lage investeringen echt resultaat te bereiken,’ vertelde zij.

image001 (1)
Olivier van Beemen en Roel van der Veen

Oproep om kritisch te zijn

Afrika is belangrijk voor Heineken, liet Van Beemen zien. In 2014 kwam 14 procent van de Heineken omzet van het Afrikaans continent, en meer dan 20% van de winst. De auteur concludeert daaruit dat een biertje in Afrika gemiddeld de helft meer oplevert dan ergens anders. Hij vindt dat er gelet op de grote invloed van de multinational te weinig onderzoek wordt gedaan. Het onderzoek dat wel plaatsvindt gebeurt vaak in opdracht van of op basis van de gegevens van het bedrijf. Hij roept de aanwezigen dan ook op om zich niet blind te staren op de succesverhalen alleen.

De financiële en maatschappelijke belangen zijn groot, daarom is er volgens de journalist een risico dat ook overheden en ngo’s zich laten leiden door een commerciële partij. Zo schetst hij de situatie in Burundi, waar zo’n 30% van de belastinginkomsten van Heineken komen. ’Dat maakt het voor een overheid heel moeilijk om kritisch te zijn.’ Hij zag tijdens zijn onderzoek televisieprogramma’s die werden gefinancierd door de brouwer en waarin volgens hem aan de lopende band de eigen drankjes te zien waren. Hij sprak journalisten die worden betaald door Heineken om teksten te schrijven. In Congo zou een deel van het distributienetwerk van Heineken door een door rebellen beheerst gebied lopen, waardoor gewapende groepen zouden profiteren van de inkomsten van Heineken. Terwijl het imago van Heineken daar volgens hem niet zichtbaar onder te lijden heeft.

Marketing en alcoholmisbruik

Een van de belangrijkste problemen voor Van Beemen is het stimuleren van alcoholgebruik door soms verregaande marketingacties. Hij schetst het voorbeeld van een wijk in Kinshasa waar woningen, winkels maar ook schoolbussen in de kleuren van de lokale Heineken brouwerij zijn geverfd. ‘Primus blauw’. Of een congres in Nigeria, waar men bier aanprees als een goed onderdeel van een gezonde levensstijl. ‘Heineken geeft op scholen voorlichting over alcohol, maar dat heeft een bijeffect: het merk en het drinken van alcohol worden zo systematisch op de agenda gezet bij minderjarigen’, waarschuwt de auteur.

image003

Hulp en handel

BZ werkt in een aantal publiek privaat partnerschappen samen met Heineken. De partijen investeren gezamenlijk in ngo’s die lokale boeren helpen hun landbouwmethoden te verbeteren. Heineken heeft zich tot doel gesteld om in 2020 60% van haar grondstoffen voor bier lokaal in te komen en neemt een deel van de gewassen af voor de bierproductie. Van Beemen heeft grote twijfels bij deze samenwerking. Hij schetst in zijn boek een aantal risico’s voor de lokale markt. Zoals de afnemende vraag naar traditionele dranken als sorghum en palmwijn. Afspraken over de productie en de afname kunnen de markt negatief beïnvloeden. Ook twijfelt hij aan de invloed op de werkgelegenheid. In de moderne fabrieken van Heineken is die soms lager dan bij de productie van lokale producten. Ook het onderzoeksprogramma Zembla stelde in maart vragen bij de subsidieverstrekking aan deze projecten. Zij wierpen de vraag op of Heineken niet ook zelf zo’n landbouwproject kon financieren. Wendela denkt van wel. ‘Maar niet in dit tempo, en niet op deze schaal. Bovendien bieden deze partnerschappen ons een mooie kans om de inkomenspositie en voedselzekerheid van veel kleine boeren te verbeteren.’

image004

Kamervragen

Het onderzoek van Van Beemen was in mei aanleiding voor kamervragen over de subsidieverstrekking aan ontwikkelingsprojecten in Afrika. De beantwoording van die vragen vind je op rijksoverheid.nl

De uitzending van Argos over Heineken in Afrika is terug te luisteren op de website van de NPO.

(door Babeth Knol, Newsroom COM; alle foto’s door Aad Meijer/Newsroom COM)